1. Vocht wat door de zuigkracht van de wand vanuit de funde-
ring middels de capillaire poriën in het beton of metsel-
werk naar hoger gelegen delen wordt getransporteerd. Met
het watertransport worden opgeloste zouten meegenomen
die na het verdampen van het water in het beton of
metselerk achterblijven en schade kunnen veroorzaken aan
pleisterwerk of stuclagen.
2. Grondwater. Bij poreuze wanden vindt bij kelders onder
het grondwaterniveau vochttransport plaats van de buiten-
zijde naar de binnenzijde van de kelderwand.
3. Condensvocht. Een hoge luchtvochtigheid in een kelder-
ruimte, in combinatie met een koud oppervlak geeft con-
densvorming op het oppervlak. Het aanbrengen van isolatie
voorkomt dit probleem.
4. Hygroscopisch vocht. Door de hygroscopische eigenschap-
pen van de in het oppervlak aanwezige zouten, wordt vocht
vanuit de ruimte aan getrokken en vastgehouden. Een kel-
der kan dus op vele manieren gaan ''lekken".
06-85 61 60 74